Veel projectportfolio-overleggen beginnen met goede bedoelingen. Er is behoefte aan overzicht. Managers willen weten hoe projecten ervoor staan. Projectleiders leveren statusupdates aan. Het PMO maakt een agenda en verzamelt rapportages.
En dan gebeurt er iets bekends.
Het overleg loopt vol met updates. Project na project wordt besproken. Groen, oranje, rood. Planning, budget, risico’s. Soms worden er vragen gesteld, soms worden acties genoteerd. Aan het einde is iedereen bijgepraat, maar niet altijd beter in staat om keuzes te maken.
Mettertijd verwordt een portfolio overleg dan een status meeting. Dat is niet vreemd. Status is concreet. Het geeft houvast. Het voelt veilig om te bespreken wat er al is gebeurd of wat binnenkort moet gebeuren.
Maar projectportfolio-overleg heeft een andere bedoeling. Het moet niet alleen gaan over de vraag hoe projecten ervoor staan, maar ook over wat dat betekent voor het geheel.
Maar door vast te houden aan de status van het project gaan we ook de moeilijkere discussies uit de weg. Moeten we projecten herprioriteren? Is er capaciteit genoeg? Welke projecten zitten elkaar in de weg? Welke besluiten blijven liggen? Moet iets worden gepauzeerd of gestopt? Welke projecten dragen nog genoeg bij aan de strategie?
Wat er eigenlijk gebeurt, is dat informatie delen de plaats inneemt van sturen. Iedereen werkt mee aan het overleg, maar de echte keuzes blijven buiten beeld of worden doorgeschoven.
De ongemakkelijke waarheid is dat een statusmeeting soms comfortabeler is dan een portfoliogesprek. Status vraagt om toelichting. Portfolio vraagt om keuzes.
Wat helpt, is het overleg richten op spanning en besluitvorming. Niet elk project hoeft besproken te worden. Niet elke update hoort in de vergadering. De waarde zit juist in de uitzonderingen, afhankelijkheden en keuzes die het portfolio als geheel raken.
Dat vraagt andere vaardigheden. Projectleiders moeten kort en eerlijk kunnen aangeven waar aandacht nodig is. PMO’s moeten informatie zo voorbereiden dat patronen zichtbaar worden. Managers moeten de discipline hebben om niet te verzanden in details van losse projecten. Leiderschap betekent hier: het gesprek steeds terugbrengen naar prioriteit, capaciteit en strategische bijdrage.
Een goed projectportfolio-overleg voelt misschien minder volledig dan een statusronde. Maar het is vaak waardevoller. Niet iedereen heeft alles gehoord, maar de belangrijkste keuzes zijn wel scherper geworden.
Welke kennis of vaardigheid moet worden ontwikkeld om in portfolio-overleg minder te rapporteren en beter te beslissen?
Veel organisaties starten enthousiast met verbeteren. Er komt een verbeterbord. Teams houden dagstarts. Er worden ideeën verzameld. De eerste acties..
Een team kan alle Agile woorden gebruiken en toch weinig wendbaar zijn. Er is een backlog. Er zijn sprints. Er..
Je ziet het vaak op werkplekken waar veel gebeurt. Er wordt hard gewerkt, mensen lossen problemen op, materialen worden verplaatst,..
Veel mensen maken voor het eerst kennis met Lean via termen als waarde, flow, pull en continu verbeteren. Dat kan..
Assertiviteit op de werkvloer betekent dat je je mening en behoeften duidelijk en respectvol kunt uiten, zonder de rechten van..
Bijna elk project begint met een plan dat logisch lijkt. Er is een planning, een budget, een scope en meestal..
Een projectplanning geeft rust. Tenminste, dat is de bedoeling. In de praktijk zien we ook iets anders. Planningen worden soms..
Bij projecten denken velen meteen aan stress en het aansturen van mensen. En dat is ook best een deel ervan…