Dat hangt vooral af van de rol die iemand heeft in verbeteren.
Een Lean Yellow Belt past goed bij mensen die willen begrijpen wat Lean is en hoe ze in hun eigen werk kleine verbeteringen kunnen herkennen. Denk aan medewerkers, teamleden of professionals die dagelijks tegen verspillingen, wachttijden of onduidelijkheden aanlopen. Zij hoeven geen verbeterproject te leiden, maar moeten wel kunnen meedenken en bijdragen.
Een Yellow Belt is dus vooral geschikt wanneer je Lean breed toegankelijk wilt maken in de organisatie. Het gaat om bewustwording, taal en praktische toepassing in het eigen werk.
Een Lean Orange Belt zit daar vaak tussenin. Deze rol past bij mensen die niet alleen willen meedenken, maar ook kleine verbeterinitiatieven willen oppakken. Bijvoorbeeld een teamcoördinator, senior medewerker, werkvoorbereider of iemand die regelmatig procesproblemen ziet en daar iets mee wil doen.
De Orange Belt is handig wanneer iemand meer nodig heeft dan basiskennis, maar nog niet de verantwoordelijkheid hoeft te dragen voor grotere verbeterprojecten. Het is vaak een goede keuze voor organisaties die verbetering dichter bij de werkvloer willen leggen.
Een Lean Green Belt past bij mensen die verbeterprojecten moeten kunnen begeleiden. Dit vraagt meer van iemand. Niet alleen kennis van Lean-methoden, maar ook vaardigheden in analyseren, samenwerken, omgaan met weerstand en het meenemen van collega’s.
Een Green Belt is geschikt voor projectleiders, teamleiders, consultants, procesverbeteraars of professionals die echt eigenaarschap krijgen over een verbetering met zichtbaar effect op kwaliteit, doorlooptijd, kosten, klantwaarde of samenwerking.
In de praktijk gaat het vaak mis wanneer iemand een Green Belt krijgt omdat “er iets verbeterd moet worden”, maar zonder tijd, mandaat of begeleiding. Dan wordt de training een titel, geen hefboom. Dat is misschien de ongemakkelijke waarheid: een Green Belt heeft pas waarde als de organisatie ook ruimte geeft om te verbeteren.
Kort gezegd:
Yellow Belt is voor begrijpen en bijdragen.
Orange Belt is voor kleine verbeteringen oppakken.
Green Belt is voor verbeterprojecten begeleiden en verandering dragen.
De betere vraag is dus niet alleen: welk niveau past bij deze persoon?
Maar ook: hoeveel verantwoordelijkheid, ruimte en ondersteuning krijgt deze persoon straks om echt iets te verbeteren?
Wie Scrum Master wil worden, komt al snel verschillende certificaten tegen. PSM1, CSM en andere varianten. Op het eerste gezicht..
Soms zie je eigenaarschap in kleine momenten. Een collega merkt dat een klant telkens dezelfde vraag stelt en zoekt uit..
Veel teams twijfelen tussen Kanban en Scrum. Dat is logisch. Beide manieren kunnen helpen om werk zichtbaar te maken, beter..
In veel organisaties worden termen rond verandering makkelijk door elkaar gebruikt. Change Manager, Change Agent, Change Lead, Change Enabler. Soms..
Een team kan alle Agile woorden gebruiken en toch weinig wendbaar zijn. Er is een backlog. Er zijn sprints. Er..
In veel organisaties begint verbeteren pas als er iets duidelijk misgaat. Een klant klaagt. Een planning loopt vast. Een team..
Een project begint zelden met te weinig wensen. Meestal is er juist veel. Mensen zien kansen. Afdelingen hebben behoeften. Gebruikers..
In een zelfsturend team lijkt besluitvorming eenvoudig. Het team krijgt ruimte, dus het team beslist. Agile teams dromen er van…